Jij bent zoals je bent

Schrijver: Marianne

Begin 1990 begon ik weg te zinken in een depressie na de geboorte van mijn derde kindje een lange depressie waar geen eind aan leek te komen en ik kwam er ook zelf niet meer uit.

Ik ben geboren en opgevoed in de wat strengere hoek. Maar toen mijn man op een dag met een Poolse en mijn kinderen van het een op andere moment vertrok naar Polen en mij alleen achterliet, hing ik alles wat met God te maken had aan de wilgen. Ik was zo vreselijk boos in mijn pijn. In 1994 woonde ik weer zelfstandig en moest ik het alleen rooien.

Pas verhuisd kreeg ik elke vrijdag bezoek van een ouderling, maar ik wilde hem niet. Kaarten met teksten die hij onder de deur door schoof scheurde ik kapot en bandjes en bijbeltjes mikte ik onder in een la vastbesloten ze daar nooit meer vandaan te halen. God kon geen liefde zijn.

Maar de ouderling gaf niet op, week na week verscheen hij weer en of ik de deur nu open deed of niet, hij was er. Tot ik er genoeg van kreeg, ik zou de deur openen en hem eens goed vertellen dat het afgelopen moest zijn. Als hij mijn verhaal hoorde zou hij wel afdruipen. Maar we raakten aan de praat en ik wilde eigenlijk nog wel een keer met deze man praten.

Zo bleef het gaan en uiteindelijk kwam ook zijn vrouw langs. En steeds meer werd ik bekend gemaakt met de liefde van God die mijn pijn zag en niet iemand die daar boven in zijn vuistje lachte om wat er gebeurde. Hoe diep die liefde van mijn Schepper was zou ik al snel merken. Het echtpaar had een bloemisterij en ik hielp hen een keer in de week met het maken van bloemstukjes. Zo groeide de vriendschap steeds dieper en op het laatst werd ik bij hen thuis uitgenodigd. Uiteindelijk zat ik daar iedere zaterdag.

Daar vertelden ze me over de goedheid van God, ze zongen uit opwekking voor me en lazen met met uit de bijbel. Op een zondagavond ging ik met mijn vriendin naar een doopdienst. Ik had dat nog nooit meegemaakt en kreeg het warm en koud tegelijk. Wat was God dichtbij maar hij zou die avond nog dichterbij komen zonder dat ik het wist. Want ik was wel opnieuw depressief geworden en wel zo erg dat ik voor mijn eigen veiligheid bij vrienden verbleef.

Thuisgekomen was ik diep onder de indruk, toen mijn vrienden hun gitaren pakten en een lied voor me begonnen te zingen. Ik vergeet het nooit meer. Het was het lied ‘Kleine Vogel’ van Elly en Rikkert. Daar had God ineens beet er doortrok me een warmte van m’n hoofd tot m’n tenen en ik heb gehuild zoals ik nog nooit eerder gedaan heb. En daarna wist ik nog een ding: ik wilde ook gedoopt worden.

Ik heb de bijbel bijna opgegeten en alle achterstand die ik had weggewerkt in no-time. Mijn doopdienst was de mooiste dag van mijn leven, ik legde al het oude af en stond op in een heel nieuw leven met een God. Die zo waanzinnig van me houdt en waar ik zo waanzinnig van houd.

Ik ben best nog eens depri en verdrietig. Het verlies van drie kinderen is niet niets, maar ik mag verdrietig zijn. God troost mij, ook als ik het soms even niet ervaar. En tegelijkertijd blij want ik kan ze een ding teruggeven het belangrijkste dat er is: …een biddende moeder. Ik mag dan misschien hun harten niet meer kunnen bereiken, maar er is er één die dat wel kan. Daarvan ben ik het levende bewijs.

Ik heb hem lief en Hij mij en zo heeft hij jullie lief.

Spaanse eieren

Schrijver: Henk

Redding uit onverwachte hoek

Graag wil ik vertellen hoe ik een heel bijzondere gebedsverhoring heb meegemaakt. (Ik zeg er bij dat ik vele vele keren verhoring op mijn gebed mag ervaren!) Maar wat ik nu ga vertellen… Wat is God Groot en Machtig! En je kunt er ook nog om lachen ook! Hier komt mijn verhaal:

Ik was met mijn zoon en z’n vriendin, en nog andere jongelui met vakantie in Spanje. Wij reden met de auto van mijn zoon in de bergen. Ik zat op de achterbank, en mijn zoon achter het stuur, en z’n vriendin naast hem. Zoonlief was heel sjachereinig. Misschien ruzie gehad met z’n vriendin. Maar hij reageerde af op z’n rijgedrag. Scheuren door die kleine weggetjes langs de diepe afgrond. Dan was er weer een onoverzichtelijke bocht langs de steile bergwand. Ik was doodsbang! En wat doe je dan? Bidden natuurlijk! Ik zei tegen de Heer (in mijn gedachten) Heer, doe er toch es wat aan. Dit komt niet goed zo! En nu komt het…

“Redding uit onverwachte hoek… we vroegen Jezus voor hulp…”

Opeens staat er een oud vrouwtje bij de weg met in haar handen een stapel kartonnen platen met eieren. Ze wilde graag liften. Och zei m’n zoon “Laat ik dat vrouwtje maar meenemen.” Hij stopt, ik doe de achterdeur open, en zij gaat met haar stapel eieren naast mij zitten. Mijn zoon rijdt weg, heel rustig… En hij vraagt aan mij: “Gaat dat goed daar achter met die eieren Pa? Ik zei: ja hoor, als je maar rustig aan doet jongen. En dat deed hij! En wat deed ik? In mijn hart dankte ik de Heer dat Hij mijn gebed op zo een wonderbare manier verhoord had!

Studie-prodject dag één…

Schrijver: Vincent

Begin maart 2005 belde ik naar een charismatisch evangelische kerkgemeente, om in het kader van mijn toenmalige studie een videodocumentaire te maken over de cultuur van die kerk. Ik kreeg een secretaresse aan de lijn en die bleek zeer verheugd en vertelde dat ze op zoek waren naar iemand die een videoreportage wilde maken van de kerkgemeente. Het klonk een beetje alsof ze wilde zeggen dat God me gestuurd had. Zelf geloofde ik niet, en ik nam het een beetje lachend op.

Daarna kreeg ik één van de leiders te spreken en die sprak af om er over te bidden en te vasten en om later contact met me op te nemen. Een maand later, begin april 2005 hoorde ik nog niets en mijn tijd voor mijn studieproject begon te dringen. Dus ik belde op en stelde voor dat ik een dienst zou bijwonen om te kijken of ik het iets zou vinden of niet. Mocht het niets zijn, dan hoefde ik ook nergens op te wachten. Dit vond hij een goed plan.

Het was zondag 3 april 2005. Om 09:30 uur kwam ik het terrein op fietsen en ontmoette daar iemand die een ex-bajesklant bleek. Ik vertelde over mijn plan voor een videoreportage. Dit vond hij schitterend. Hij vertelde over zichzelf en over de kerk. We liepen de hal in, en introduceerde me aan een vrouw van middelbare leeftijd en we raakte in gesprek. Ook zij was niet opdringerig en ik kwam zo veel van de kerk en van haar te weten. Paar minuten voor tien gingen we samen de grote zaal in waar de kerkdienst zou plaats vinden.

Het was een grote zaal met een hoog plafond en rechthoekige ramen met blauw glas aan de zijkant. In tegenstelling tot mijn beeld bij het woord “kerk”, waren er geen oncomfortabele houten kerkbanken, maar comfortabele praktische stoelen. Er was geen orgel, maar een breed podium met drumstel en wat elekrische gitaren. Boven, rond het podium was met frameconstructie belichting aangebracht. Na binnenkomst begon de band voorin de kerk te spelen, wat de ontspannen sfeer prachtig aanvulde.

Ik was pokke zenuwachtig. Ik proefde vrij snel dat er hier meer aan de hand was dan alleen op zondag een dienst en dan naar huis met het alledaagse leven. De mensen straalde, alles was anders dan ik me had voorgesteld en dacht van kerken. Normaal is een kerk saai, muf en de mensen kijken zuur. Dit was fris, de muziek was leuk en veel mensen straalde als de zon.

Er werd staand gezongen. Ook iets dat niet bij mijn beeld van “kerken” past. In de kerken die ik kon van kerst en pasen, werden er boekjes uitgedeelt en was het zittend zingen. Veel mensen gaven zichzelf in het zingen en sommigen staken de armen in de lucht.

Ik kon meezingen, want de tekst werd geprojecteerd, maar ik vond meezingen geen professionele houding. Immers, ik was er om studie te verrichten en na toelating een film te maken over deze groep mensen.

Na het zingen betradt iemand het podium. Niet in een soepjurk of een net pak, maar in alledaagse kleding. Een jonge man van ongeveer rond de vijfentwintig. Ik begreep geen hout van waarover hij preekte, want ik was helemaal ingenomen door de verschijning op zich. Achteraf bleek de preek over het zingen te gaan. Maar de manier van preken vond ik al indrukwekkend genoeg.

Na de preek, waar ik me weinig van kan herinneren, maar absoluut niet saai, werd er weer gezongen. En niet zo’n beetje ook… De mensen waren zo blij, dat kon niet alleen aan de muziek liggen. Er werd gedanst, handen in de lucht, geknielt, er werden zelfs meerdere rijdansen ondernomen. Echt waar. Dit had ik nog nooit gezien, en daarna ook niet meer meegemaakt. Een bovennatuurlijke blijdschap. En wat het was weet ik niet, maar er was in de hele zaal een lichte blauwe waas waar te nemen. Die heb ik daarna ook nooit meer gezien. Ik denk ook niet dat iedereen die op dat moment zag.

In ieder geval. De volgende dag belde ik de kerk. Kreeg diezelfde leider weer te spreken. “En? Wat vond je er van?”, vroeg hij. “Als jullie het goedkeuren, dan doe ik het.”, was mijn antwoord. Ik moest me inhouden, want ik vond het fantastisch!

En terugkijkend waren de eerste ontmoetingen wel heel toevallig. Die twee waren van de weinigen, die je niet direct het geloof door de strot willen duwen. Ik was waarschijnlijk weggelopen als ik op dat moment anderen had gesproken, want die deden niet anders, bleek later. Jezus Christus is de Zoon van God en is de zelfde als tweeduizend jaar geleden.

Lui met een oprecht hart

Schrijver: Vincent
Bij een barbecue van een jongerenkerk bij Aalsmeer, kreeg ik de nobele taak toebedeelt als instant-saté- maker. Dit vond ik eerst wel leuk. Er waren veel leuke mensen in de buurt om een lekker mee te babbelen en ik zat goed in m’n vel.
 
Toen was de saté-saus klaar en bestond de klus uit saai roerwerk. Ik kreeg er steeds minder zin in, werd lui en wilde eigenlijk rond lopen om met de rest van de aanwezigen te kletsen.
 
Ik werd er melig door. Zo melig dat het idee in me op kwam dat als ik oprecht zou vragen om een “slachtoffer” die de klus zou overnemen, dat God deze op mijn pad zou sturen.
 
“Lieve Vader in de Hemel. U kent mijn gedachten en gevoelens. U weet dat ik lui ben en geen zin meer heb om te roeren. Daarom vraag ik of u mij een slachtoffer wil geven die het werk van mij zou willen overnemen. In Jezus Naam!”
 
Toen keek ik om. Er kwam een meisje binnen lopen. Enigszins twijfelend vroeg ik of ze, tijdelijk, het roeren wilde overnemen. Tot mijn grote verbazing reageerde ze zeer enthousiast. Met alle plezier begon ze te roeren in de saté-saus.
 
Enkele minuten later kwam ik terug om te vragen of ik de klus weer over moest nemen. Dit was meer uit beleefdheid, want ik had er absoluut geen zin meer in. Haar antwoord was verbazingwekkend: “Nee, ik wil dit graag blijven doen. Ik ervaar zo een rust en vrede op dit moment.”