Jezus op de muur

Schrijver: Michel

Op de Ruysdaelkade
Ik denk dat ik tien of elf was dat ik mijn eerste sigaretje opstak, van m’n moeder gejat. Deze rook ik samen met m’n gabbertje, stiekem bij de gracht op de Ruysdaelkade in Amsterdam, waar ik geboren ben, tweeënveertig jaar geleden.
De Ruysdaelkade is een lange gracht in de Amsterdamse Pijp waar veel prostituees zitten.

Al mijn buurvrouwen deden er aan mee. Als ik uit school kwam, deed ik boodschapjes voor ze, het was een redelijk harde buurt waar geen plaats was voor gevoelige zielen. Je kon twee dingen doen; of meedoen of alleen thuiszitten.

Ik koos voor het eerste. Ik was avontuurlijk, en keek op tegen de grote jongens in de straat, die zo’n beetje op diezelfde straat leefden. Erg interessant, maar het was een keus die ik bijna met m’n leven heb moeten bekopen, als er niet een hele lading engelen om mij heen had gezeten.

Ik voelde de aanwezigheid van de Heer altijd bij mij, maar ik besloot om mijn eigen gang te gaan.

Eerste joint
M’n eerste joint rookte ik in de brugklas van de havo, iemand had een stukje hasj meegenomen naar school. Het was helemaal te gek, we werden zo stoned als aapjes en deden niks dan gein maken in de klas. Huiswerk maken en je best doen voor goede cijfers, bestond niet meer. Lang leve de lol.

Het duurde niet lang, ik denk een maandje of twee, tot dat we van de straat naar de coffeeshop verhuisden. Daar rookten we dagelijks onze joints en beraamde we onze plannen om aan geld te komen.
Het lullige is dat je niet merkt dat dat spul je hele leven overneemt en stoppen gewoon geen optie meer is. Je wilt stoned naar school, voor de tv zitten, naar het strand, de film of wat dan ook. Als je maar stoned bent.

Dat kost geld en dat heb je niet, verzin dus maar wat. Die keus is snel gemaakt: jatten. Want werken, nee dat niet. We gingen inbreken en auto’s openbreken, overvalletjes plegen, en dergelijke. Met zo’n levensstijl komen de problemen gewoon op je af, daar hoef je niks voor te doen.

Harddrugs
Dus in het wereldje waar ik me inmiddels in bevond werd uiteraard ook het een en ander aan hard drugs gebruikt. Ik koos voor de LSD en paddo’s, soms coke. Ik ging daar verschrikkelijk van uit m’n plaat en dacht vaak genoeg dat ik op een andere planeet was beland of minstens mij in een andere dimensie bevond. Dat deed ik dus samen met het roken van joints een aantal jaren lang. Blowen was net zo gewoon als een sigaretje roken geworden, dat ging de hele dag door.
Op school ging het hard bergafwaarts, ik deed eigenlijk niks anders meer dan stoned in de shop zitten of over straat zwalken met m’n eveneens verslaafde gabbers. Ik denk dat ik in geld wel vijf Ferrari’s heb opgerookt in al die jaren.

Ik werd na twee keer te zijn blijven zitten in HAVO-3 van school getrapt, omdat ik de leraar Duits had neergehoekt. Ik heb daarna nog een jaar de MAVO geprobeerd, maar er was al zo veel veranderd geestelijk dat ik er allemaal geen zin meer in had.

Drank
Ik wilde alleen maar stoned zijn en achter een flipperkast zitten of een film kijken in m’n favoriete coffeeshop. Daar ging het dus ook niet en om toch maar een diplomaatje op zak te hebben,deed ik maar effe een LTS-je (Lagere Technische School). Leren kon ik als de beste, ik had er alleen geen zin meer in door de drugs. Na de LTS ging ik het leger in, daar kwam ik een andere vriend tegen: de drank. Er ging er een wereld voor me open, ik heb het glas nooit meer neergezet. Na dat eerste glas was er geen weg meer terug. Het leger werd ik uitgetrapt wegens wangedrag.

Zelfvernietiging
De toon was gezet voor de komende veertien jaar….
Ik ging al blowend en zuipend van baas naar baas. Ik zocht altijd wel een baan uit, waar ik gewoon door kon blijven drinken. De haven, de horeca, en als laatste een tankstation, die toen nog bier verkochten. Ik was de hele dag dronken of stoned of allebei, s’avonds zat ik in cafe’s op de wallen. De buurt bij uitstek voor mensen die toch een aardig eind zijn gevallen van de maatschappelijke ladder. Mijn gedrag kon ook geen daglicht meer verdragen en die buurt is lekker donker.

Door een dal van verdriet en pijn, waar satan me had opgetrokken. Er was geen uitweg meer mogelijk. Ik was zo verslaafd dat ik niet meer wist wie ik was en dat maar zo wilde houden, omdat dat nou eenmaal de makkelijkste weg was. Maar na veertien jaar van zelfvernietiging gebeurde er iets vreselijks…

Het was afgelopen
Mijn zwager overleed. De eerste dat de dood zo dichtbij kwam dat het me bijna krankzinnig maakte. Ik sloeg uit frustratie liters tequila achterover. M’n toenmalige vriendin, besloot dat er met mij geen land meer te bezeilen was en vertrok na een relatie van veertien jaar. De pijn was onbeschrijfelijk en ik wilde eigenlijk maar een ding: dood!

Jezus op de muur
Maar toen gebeurde het, ik werd op een gegeven moment wakker op de grond van mn huis. Ik had me weer eens te buiten gegaan aan grote hoeveelheden drank. Daarbij had ik Jezus op de muur getekend, erg mooi ook nog. Ik kon altijd tekenen als de beste. Hoe ik het gedaan had wist ik niet meer, maar onze Hemelse Vader was Zijn werk begonnen…

Ik was zo onder de indruk dat ik besloot om te proberen te stoppen met drinken. Eerdere pogingen waren hopeloos mislukt. Ik zag dit als een teken van de Almachtige. Het begon met een paar dagen en groeide uit tot een paar weken tot maanden. En ik heb tot op de dag van vandaag nooit meer een druppel alcohol aangeraakt, en dat is nu al tien jaar!!

Wat een Vader, wat een genezing voor een zondaar als ik!!

Toen ik stopte met drinken was ik ook meteen aan de Bijbel begonnen en was er al sprake van een licht Christelijke invloed op m’n leven.

Het water
Er was alleen nog een probleem: dat van het blowen. Ik stopte daar wel eens een jaar of twee drie mee, maar begon altijd weer. Ik was weer eens een tijdje gestopt en ik zat moederziel alleen op he t strand. Door het vele blowen was ik doodsbang voor mensen geworden. Met prachtig weer, maar in een vreselijke dip op het strand. De Heer riep mij naar het water en ik gehoorzaamde.

Ik stond in het water,toen De Heer speciaal voor mij het water = rustig maakte en er geen rimpeltje meer te zien was. De zon veranderde in een roodgele toverbal, en het was mijn moment. Het moment dat de Vader aan mij had gegeven om voor Hem te kiezen. Hij zei:”dompel je nu maar onder” en ik gehoorzaamde, op weg terug naar m’n handdoek was ik veranderd, ik had voor Jezus gekozen,ik had mezelf gedoopt in Zijn aanwezigheid,ik voelde het in mijn hele lichaam.

Mijn nieuwe leven
Ik modderde nog een tijdje door met vallen en opstaan,tot januari 2008. Ik schoot na het roken van een joint in een psychose en wederom kwam De Heer tot mij. Hij zei; “nu is het wel genoeg geweest!”. En ik gehoorzaamde opnieuw.Ik heb geen joint meer aangeraakt en de sigaretten waren een week later aan de beurt. Ik heb nooit meer gerookt.

Nu ben ik tien maanden clean en zit ik in het Katwijkse verslavingscentrum de Brug. Hoe de Vader mij van Amsterdamse junk naar Katwijk heeft gebracht, is een verhaal apart,maar dat misschien later.

De moraal van het verhaal is…
…dat toen ik de eerste joint opstak, ik een deur voor satan heb opengezet. Hij heeft al die tijd op de achtergrond m’n leven geroofd. Dat heeft dertig jaar geduurd, terwijl ik maar dacht dat ik het zelf deed! Ik wist nooit dat ie bestond,maar nu weet ik beter. Dus mensen en vooral kinderen: laat me jullie waarschuwen voor het gevaar van de drugs!

Het lijkt onbelangrijk zo’n jointje, gewoon om te ontspannen, maar mijn verhaal is er één als van duizenden. Als ik jullie door mijn verhaal te vertellen kan redden van dat vergif, dan heb ik daar alles voor over! Jezus Christus redt vandaag nog steeds!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *